|
MARRES
|
|
|
KIES ANDERE BROUWERIJ |
|
|
Brouwerij De ValkBoschstraat 105 te Maastricht |
|
Brouwers:Michaël Marres (1826-1898) Brouwer van 1849 tot 1898 Clément Marres (1848-1927), Brouwer van 1898 tot 1927. Michaël Marres is de oudste zoon van Michaël Marres brouwer in de Plankstraat na de afbraak van de Sint Nicolaaskerk aan het Onze Lieve Vrouweplein. Michaël huwt in 1849 Maria Cecilia Clementina Fisse en begint dan de Brouwerij Michaël Marres zoon, op de Boschstraat. Later noemt hij die de Brouwerij De Valk, soms ook De Valkenbrouwerij. Een sprekende naam gezien de twee uitkijkende valken naast de poort van de brouwerij. |
Valken beiderzijds |
Boschstraat 105
Ga de brouwerij en personeel door klikken op de foto |
|
In 1862 wordt hij gekozen in de gemeenteraad en vanaf 1867 is hij wethouder van Maastricht. In 1882 wordt hij lid van de provinciale staten van Limburg, en al deze functies bekleed hij tot aan zijn dood in 1898. Als jong, beginnend politicus heeft hij in 1865 een enorme politieke ruzie met Petrus Regout, de grootste Maastrichtse fabrikant van die tijd. Deze is oud kamerlid en staat dan op het toppunt van zijn invloed.
|
|
Zijn oudste zoon, Michaël Clemens Marres, die Clément wordt genoemd, volgt hem in al zijn functies op, in 1883 in de brouwerij, in 1898 in de gemeenteraad en in 1915 in het stadsbestuur.
Clément is een zeer eigenzinnig persoon - familieleden lezen meer over hem op de voor intimi bedoelde hoek - hij hield zich met veel zaken bezig. Gevoel voor humor kan hem niet ontzegd worden blijkens deze gedenksteen die hij in zijn fabriek na een verbouwing liet plaatsen. |
Gevelsteen voor uitzonderlijke prestatie |
|
In 1907 trekt Clément zich terug en geeft de directie over aan zijn enige zoon George Marres. Hij is enig kind. Hij heeft een eenzame jeugd gehad mede doordat zijn moeder kort voor zijn achtste verjaardag overlijdt. Zijn stiefmoeder blijft kinderloos. Als een en twintig jarige krijgt hij de leiding over de fabriek. Later schreef hij eens dat hij tegen zijn zin bierbrouwer is geworden, maar dat hij dit deed omdat zich daartoe tegenover zijn vader moreel verplicht achtte.
Vader Michaël Marres, zoon Clément Marres en waarschijnlijk de procuratiehouder
Na het overlijden van zijn vader in 1927 beëindigt hij de brouwerij en verlaat het land. Hij reist lange tijd over de wereld, woont een tijd in Engeland en de Verenigde Staten, en vestigt zich tenslotte in België waar hij een verpleegster huwt. Hij is in 1960 overleden. Zijn echtgenote overlijdt 93 jaar oud in 1982 te Leuven. Jaren later komt via een omweg zijn fotoalbum terecht in het Jenevermuseum in Hasselt. Daar ontdekt men dat het om een Maastrichtse brouwerij gaat en komt het via een ruil terecht in het Sociaal historich Centrum van Limburg, dat toen gevestigd was op de Boschstraat vlak bij de vroegere brouwerij. Het berust nu in het RHCL te Maastricht. Het album bevat veel foto's van de brouwerij met personeelsleden in actie, verder een hotel en een aantal café's van zijn vader. Op 15 maart 2005 droeg het Jenevermuseum dit album over aan het Sociaal Historisch Centrum voor Limburg.
De tweede zoon van de oude Michaël, Joseph Marres, blijft ongehuwd en vestigt zich als wijnhandelaar in Londen en zijn derde zoon, Constant Marres start een wijnhandel en distilleerderij op de van Hasseltkade met een kantoor op de Boschstraat 31. Deze Constrant Marres heeft twee zoons, de oudste zoon, die ook Constant heet en ongehuwd blijft, zal de distilleerderij voortzetten tot aan zijn overlijden in 1944.
* |
|
|
|
Michaël Jacobus Marres
|
Michaël Clemens Marres
|
|
Henri Goovaerts, Olieverf op doek, 1901, 74,5x58,7cm,
|
J. Mees, Olieverf op doek, 1911, 68x55cm,
|
|
* |
|
Vensters Marres in de Burgemeesterskamer
|
|
|
In het Stadhuis van Maastricht, dat dateert uit 1662 en gebouwd is door bouwmeester Pieter Post, heeft de Burgemeesterskamer haar functie altijd behouden. In deze kamer zijn in 1918 gebrandschilderde ramen geplaatst, geweid aan de wethouders die Maastricht tot dan toe gekend had. Michaël Jacobus Marres en zijn zoon Michaël Clemens Marres hebben ieder een eigen Glas in Loodraam in deze historische kamer. |
|