|
MARRES
|
|
Wapens Marres te Luik
|
|
|
|
volgens |
volgens |
volgens |
|
Aan de middeleeuwse Luikse familie Marres worden in de litteratuur van de 18e en 19e eeuw een tweetal verschillende wapens toegeschreven, maar een tijdgenoot noemt er niet een. Jacques de Hemricourt beschrijft in Miroir des Nobles de Hesbaye een manuscript dat hij publiceerde in 1398 de genealogieën van de oude adellijke families van Luik en omstreken, met name het Hespenland, vanaf het jaar 1102 en hun heldendaden in de oorlog van 1290 tot 1335 tussen de Awans en de Waroux, vergelijkbaar met de Noordnederlandse Hoekse en Kabeljouwse twisten, maar dan bloediger. (5)
Van het geslacht Marres - in het originel handschrift geschreven als de Mares of des Mares en in de hertaling van 1673 als des Marez of des Marets of des Marests - worden een viertal adellijke allianties genoemd. Het is opvallend dat bij geen van deze allianties een wapen Marres beschreven wordt. Een van de zonen van het echtpaar Hemricourt-Marres te weten Johan des Marres, die geestelijke werd en landdeken van Rochefort, nam de achternaam van zijn moeder Marres aan, maar behield het wapen Hemricourt van zijn vader. We kunnen dus stellen dat het oude Luikse geslacht Marres niet van adel was en geen wapen had, al werd Agnès de Mares ook 'une damoyselle de bonne nation genoemd'. J.P. Gramme tekent in de Recueil Héraldique des Bourguemestres de Liège, Luik 1720, bij het artikel over Johan de Mares het volgende wapen: d'or semé de fleurs de lis de gueules; au lambel de cinq pendants d'azur, vertaald: van goud bezaaid met rode lelies en in het schildhoofd een blauwe barensteel met vijf hangers. (6) De wapenfiguur 'bezaaid met lelies' wordt gevoerd door veel Haspengouwse families. In de eerste plaats zijn dit de zeven baanderheren die zeker of mogelijk afstammen van het geslacht Dammartin. Dammartin de Warfusée voerde rood bezaaid met lelies. (7). Daarnaast is er een fors aantal geslachten uit de Hesbaye die dit wapen met een breuk voerden (8). En hierbij dus Marres. Léon de Herckenrode (9) beschrijft het wapen van de Luikse familie Marres - hier des Marets - als volgt: d'or à trois feuilles de Marais de sinople. Door Rietstap en Renesse kennelijk overgenomen en genoteerd als: d'or à trois feuilles de nénuphar de sinople. Verwantschap tussen het Maastrichtse en het oudere Luikse geslacht is zeer wel mogelijk. In de vijftiende eeuw bezat het Maastrichtse geslacht Marres landerijen die niet ver verwijderd lagen van de eerdere woonplaatsen in de veertiende eeuw van het oude Luikse geslacht van die naam. Het Maastrichtse geslacht Marres heeft medio vorige eeuw besloten om met terzijde schuiving van alle varianten, het wapen zoals beschreven in Herckenrode als enig wapen aan te nemen. Op enkele uitzonderingen na, met name in België, wordt dit nu gevolgd. Dit staat uitvoeriger beschreven bij de beschrijving van het huidige wapen Marres. Wapens aangehuwden |
|
|
|
|
Château de Slins |
Hemricourt |
Boileau de Mons |
|
|
||